SCHOOLBROCHURE MET SCHOOLREGLEMENT

 INHOUD

WELKOM

DEEL 1           ONZE SCHOOL EN HAAR OPVOEDINGSPROJECT

1.1                   Portret van onze school
1.2.                  Wie is wie?
1.3                   Ons pedagogisch project
1.4                   Onze oproep aan de kinderen

DEEL 2           GOEDE INFORMATIE, GOEDE AFSPRAKEN, GOEDE VRIENDEN

2.1                   Hoe ziet een dag en week eruit in onze school?
2.2                   Veilig van en naar de school, veilig op de school
2.3                   Een woordje over onze verzekering
2.4                   De voor- en naschoolse opvang
2.5                   Wetenswaardigheden over lessen en pedagogische activiteiten
2.6                   Toelichtingen bij onze pedagogische aanpak
2.7                   Onze evaluatieaanpak en het rapport
2.8                   Nog een paar goede afspraken

DEEL 3           RECHTEN EN PLICHTEN

3.1                   Over inschrijven en leerplicht gesproken
3.2                   Afspraken inzake aanwezigheid, telaatkomen en afwezigheid
3.3                   Langdurig afwezig: kans op onderwijs aan huis
3.4                   Ruime contactmogelijkheden tussen ouders en school
3.5                   De wet op de privacy
3.6                   Op het einde van het basisonderwijs: het getuigschrift
3.7                   Indien u schoolverandering overweegt
3.8                   In geval van nood: het orde- en tuchtreglement

WELKOM

Wij zijn blij dat u voor onze school gekozen heeft.  We beschouwen dit als een blijk van groot vertrouwen: we zien het als een voorrecht dat we mee mogen helpen bij de opvoeding van uw kind.

We zullen uw kind goed onthalen.  U mag erop rekenen dat we als schoolbestuur en schoolteam ons tenvolle zullen inzetten om uw kind een eigentijdse opvoeding en degelijk onderwijs te geven.

Vanzelfsprekend hopen we dat u uw kind zal aanmoedigen om met ons mee te werken en dat we dus goede bondgenoten zullen zijn in de opvoeding van uw kind.  Aarzel ook niet met ons contact op te nemen indien er problemen zijn.  We staan klaar om samen naar een oplossing te zoeken.

Deze brochure bieden we aan als een basis voor een goede samenwerking tussen u en onze school.

In het eerste deel schetsen we een klein portret van onze lokale school.  Onder de titel 'Wie is wie' stellen we u voor wie allemaal meewerkt aan de boeiende uitdaging uw kind op te voeden in onze school.  We vragen vooral aandacht voor ons opvoedingsproject.  Dit is het kerndocument voor onze school: het verwoordt vanuit welke inspiratie en bewogenheid wij uw kind willen opvoeden en onderwijzen.  Wij vragen u dit project te onderschrijven: dit is erg belangrijk.  Natuurlijk hebben we ook de medewerking en inzet van uw kind nodig.  We zullen daar speels en tof, maar ook duidelijk en ernstig toe uitnodigen vandaar: onze 'Oproep aan de kinderen'.

In het tweede deel presenteren we heel wat wetenswaardigheden over onze school.  Het is prettig dat u een kijk krijgt op een doorsnee schooldag voor uw kind.  Bovendien bieden we u in dit deel ook heel wat praktische informatie en maken we een paar concrete afspraken voor een vlotte samenwerking.

In onze tijd wordt meer en meer gesproken over rechten en plichten tussen mensen.  De overheid verwacht dat ook binnen onderwijs duidelijk en eerlijk afgesproken wordt wat de rechten maar vanzelfsprekend ook wat de plichten zijn van de ouders en de school.  In feite is de school immers een mini-maatschappij en voor de kinderen een goede oefenplaats om te leren fijn samen te leven.

In het derde deel leest u daarom in eerder serieuze taal wat wij u daarover van rechtswege moeten mededelen.

Het bestuur, de directie en het personeel van de school.



DEEL 1  ONZE SCHOOL EN HAAR OPVOEDINGSPROJECT

1.PORTRET VAN ONZE SCHOOL
Onze school is een gemengde basisschool die behoort tot het vrij onderwijs. Onze school telt 3 vestigingsplaatsen:

Vest. 1 (hoofdschool Halen): 8 kleuterklassen + 12 lagere klassen

Naam Vrije Basisschool
Adres Gen. de Wittestraat 29 3545 Halen
tel. 013/44.43.61 fax. 013/46.29.02

vbshalen@skynet.be
www.basisschool-halen.be

Vest. 2 (Loksbergen): 3 kleuterklassen + 3 lagere klassen (1 ste, 2 de en 3 de lj.)
Adres Loksbergenstraat 42 3545 Halen
tel. 013/46.10.88

vbsloksbergen@skynet.be
www.basisschool-halen.be

Vest. 3 (Loksbergen) 3 lagere klassen (4 de , 5 de en 6 de lj.)
Adres Loksbergenstraat 41 3545 Halen
tel. 013/46.10.88

  1. WIE IS WIE?

Directie hoofdschool Halen.

Viviane Cornelissen
Sportlaan 20
3545 Halen

013/46 18 84
vbshalen@skynet.be

  Directie vestiging Loksbergen.       

Rita Vanderbruggen
Loksbergenstraat 98
3545 Loksbergen

013/44 12 20
vbsloksbergen@skynet.be

Ons schoolbestuur is
V.Z.W. VRIJE SCHOLEN HALEN

Gen. de Wittestraat 7   
3545 HALEN

Voorzitter    Neven Willy
Leden          E.H. Hermans (pastoor Halen) - Merckx Jos - Langendries Gilberte - Vandormael Kristel

Het schoolbestuur is de eindverantwoordelijke van het schoolgebeuren.  Onze school bouwt haar werking uit mede dankzij een goede begeleiding die het schoolbestuur organiseert.

Het personeel
De leerkrachten, de directeur, het administratief- en onderhoudspersoneel vormen samen ons schoolteam.
Het onderwijzend personeel is volgens de opdracht opgesplitst in kleuter- en lager onderwijs.  Deze groepen werken wel intens samen.

Samenwerking met diensten en specialisten
Vrij CLB West-Limburg, afdeling Herk-de-Stad

Onze school werkt samen met het team basisonderwijs van het VCLB West-Limburg, afdeling Herk-de-Stad.
De school stelt samen met het CLB een beleidscontract op.  Daarin maken school en CLB afspraken over ieders rol in de begeleiding van de leerlingen.  Dat contract werd ook overlegd met de schoolraad.

Alles draait rond de leerling.
Ouders en leerkrachten zijn welkom met hun vragen.  Ze zijn immers als eerste verantwoordelijk voor de opvoeding en vorming van het kind.
Ook de leerling kan rechtstreeks of via zijn ouders of leerkrachten bij het VCLB terecht met vragen over zijn:

  1. emotioneel en sociaal welbevinden;
  2. lichamelijke ontwikkeling en gezondheid;
  3. leren en studeren;
  4. schoolloopbaan: studie- en jobkeuze

Vooral vraaggestuurd
In de hele maatschappij ervaren we een sterke emancipatie in de hulpverlening.  Ouders, jongeren en leraars geven dus de toon aan.  Zij bepalen naar wie en met welke vraag ze gaan om uitleg, hulp of ondersteuning.  Ze willen ernstig genomen worden.  Ze willen dat de hulpverlener grondig naar hen luistert.  Ze wensen een hulpverlener die met hen elke volgende stap overlegt;
De CLB’s zijn afgestemd op die evolutie.  Ze geven dus geen ongevraagde adviezen.  Samen met de cliënt gaan ze op zoek naar een haalbare oplossing voor de vraag.
Diezelfde evolutie zien we ook op school.  Leerlingenbegeleiding is een zaak van leraars, directies, opvoeders, in overleg met ouders en CLB.

Maar ook preventie
CLB’s pakken niet alleen problemen aan, ze proberen ze ook te voorkomen.  Problemen als pesten op school kan men verminderen of voorkomen met gerichte acties op school.  Het CLB biedt ondersteuning aan de school.

Begeleiding op vraag, maar ook verplichte begeleiding
Voor een CLB-begeleiding is altijd een uitdrukkelijke toestemming nodig van de ouders indien de leerling jonger is dan 12 of van de leerling zelf indien hij ouder is dan 12 jaar.
De begeleiding door een CLB is in drie gevallen verplicht:

  1. medische onderzoeken (1ste en 2de kleuterklas, 1ste, 3de en 5de leerjaar)
  2. maatregelen bij besmettelijke ziekten
  3. tussenkomsten bij spijbelgedrag kunnen noch door de ouders, noch door de leerling geweigerd worden

Bij het medisch onderzoek is wel verzet mogelijk tegen een bepaalde arts of een centrum waarmee de school een overeenkomst heeft afgesloten.  Het onderzoek zelf moet echter wel worden uitgevoerd.  In geval van verzet tegen de CLB-arts of het CLB waarmee de school samenwerkt, moeten de ouders of leerlingen (op eigen kosten) het onderzoek laten uitvoeren door een andere daartoe erkende arts of een ander CLB naar keuze.  Voor meer informatie over die procedure neemt men contact op met de directeur van een CLB.  Ook de school kan daarover informatie verstrekken.

Een serieuze wetenschappelijke basis
Op het CLB komt een onvoorstelbare waaier aan problemen toe: een diagnose voor dyslexie, een vraag om opvoedingsondersteuning, mijn kind heeft … ADHD, lees- en rekenproblemen, slaapproblemen, angst om naar school te gaan, zelfmoordgedachten, wordt gepest, spijbelt, krast zich, heeft geen motivatie …
Allemaal vragen die een grote deskundigheid van de hulpverlener eisen.  Een leerprobleem wordt dikwijls een opvoedingsprobleem, dyslexie heeft onderwijskundige, medische en opvoedkundige aspecten enz.
Op dergelijke vragen moet een doordacht en wetenschappelijk verantwoord antwoord volgen.  Een sterke troef in het CLB is het teamoverleg op maandagnamiddag, waar arts, verpleegkundige, psycholoog, pedagoog en maatschappelijkwerker ideeën uitwisselen.
Op sommige vragen krijgt men meteen een antwoord.  Vaak is een verhelderend gesprek voldoende.  Soms is extra hulp en ondersteuning nodig.  Samen met de CLB-medewerker werkt men dan aan een oplossing.  Indien nodig vindt er een medisch, psychologisch en/of sociaal onderzoek plaats.  In een aantal gevallen verwijst het CLB voor verdere behandeling of begeleiding door naar een meer gespecialiseerde gezondheids- of welzijnsdienst.

Hulp voor wie die hulp het meest nodig heeft
In de huidige maatschappij heeft men in de hulpverlening vooral aandacht voor mensen die beperkt zijn in hun kansen.  Denk maar aan het solidariteitsprincipe in de sociale zekerheid, gelijke onderwijskansenbeleid…
Dat geldt ook voor de CLB’s, de wetgever wil dat de CLB’s prioritair aandacht hebben voor groepen die in hun kansen mogelijk bedreigd zijn: leerlingen uit het buitengewoon onderwijs, deeltijds onderwijs, beroepssecundair onderwijs, laaggeschoolde milieus, allochtonen …

De tussenkomsten van het CLB zijn gratis en gebeuren met de grootste discretie en met respect voor het privé-leven.

Openingsuren van het centrum
We zijn er voor u:

  1. op maandag van 08.30 tot 12.30 u.
  2. op de andere werkdagen van 08.30 tot 12.30 u. en van 13.00 tot 17.00 u.
  3. in de herfst- en de krokusvakantie
  4. twee dagen tijdens de kerstvakantie (worden in de pers aangekondigd)
  5. in de zomervakantie tot en met 14 juli en vanaf 16 augustus

U kunt gewoon binnenlopen op het centrum, maar het is toch aangewezen vooraf een afspraak te maken.
VCLB West-Limburg (afdeling Herk-de-Stad) Zoutbrugstraat 5, 3540 Herk-de-Stad
013/55.46.56

Belangrijk voor leerling en ouders om te weten.
1  Het CLB heeft van elke leerling die het begeleidt een dossier.  Wanneer de leerling van school verandert wordt dit dossier overgemaakt aan het CLB dat de nieuwe school begeleidt (besluit van de Vlaamse Regering, 08.06.2001, art. 7, 8 en 9).
De identificatiegegevens van de leerling, de gegevens over de inentingen, de gegevens van de medische onderzoeken en gegevens over de leerplichtbegeleiding worden automatisch overgedragen.
Al de andere gegevens worden overgedragen indien er geen verzet wordt aangetekend.  Dit verzet kan aangetekend worden door de ouders of door de leerling zelf indien hij 12 jaar of ouder is.  Dit verzet moet schriftelijk gebeuren binnen een termijn van 10 dagen na de mededeling waarin de ouders of de leerling op de hoogte worden gebracht van de overdracht.  Dat is dus vanaf het moment dat de leerling in de nieuwe school wordt ingeschreven en dus via het schoolreglement kennis neemt van deze regeling. (M.a.w. op het ogenblik waarop u dit leest.) 
2  Het CLB mag in geen geval – tenzij er schriftelijke toelating is van ouders of de leerling ouder dan 12 jaar -  het dossier overdragen aan andere instanties, hulpverleners, derden,   enz…
3  Aan de betrokken schooldirectie en het schoolpersoneel worden alleen gegevens doorgegeven die nodig zijn opdat zij hun taak naar behoren kunnen vervullen.
4  De ouders en de leerlingen hebben principieel het recht om de gegevens uit het  multidisciplinair CLB-dossier te kennen.  Is de leerling meerderjarig, dan vervalt het recht van de ouders.  Indien de betrokkenen van dit recht gebruik willen maken, gebeurt dit altijd via een gesprek met het begeleidende CLB-team, zodat de informatie van het dossier geduid kan worden.
5  Dit dossier wordt op het centrum bewaard tot ten minste 10 jaar na de datum van de laatste medisch tussenkomst (onderzoek of inenting).  Voor leerlingen die buitengewoon onderwijs volgen wordt het dossier bewaard tot de leerling 30 jaar is geworden.  Na deze     periode wordt het dossier vernietigd.
6  De dossiers worden bewaard bij VCLB West-Limburg, Sint Catharinastraat 8, 3580 Beringen. Ze worden beheerd door Christine Tielemans.

Ankerfiguur
Ingrid Engelen: psychopedagogisch medewerkster

Schoolarts
Nicole Daniëls

Paramedisch medewerkster
Erica Uten

Maatschappelijk medewerkster
Mieke Kesters

De beroepscommissie
Indien u beroep wenst te doen op de beroepscommissie dient u zich te wenden tot de voorzitter.
Naam         DPB (Dioc. inspectie en begeleidingsdienst)
Adres                   Tulpinstraat 75    3500 Hasselt

In deel 3 leest u hierover het nodige onder de rubriek orde- en tuchtmaatregelen.

Pedagogische begeleiding
Naam         Dioc. Ped. Begeleiding
          Bisdom Hasselt
Adre           Tulpinstraat 75    3500 Hasselt

Onderwijsinspectie van de Vlaamse Gemeenschap
Naam         Onderwijsinspectie van het ressort 07.04

Het organogram van de school
Het organogram presenteert onder de vorm van een overzicht wie in de school in welke hoedanig­heid meewerkt aan de opvoeding en het onderwijs van de kinderen.

Het organogram van de school kan regelmatig wijzigen.  U ontvangt ieder schooljaar een afzonder­lijk inlegblad dat u bij dit deel voegt.
Op het organogram vindt u alleen de namen van de leerkrachten.  Naar aanleiding van de "Wet op de Privacy" mogen wij geen andere gegevens doorspelen.  Het doorgeven van telefoonnummers en adressen kan besproken worden op de eerste oudervergadering in september.

Het oudercomité
Het oudercomité heeft een ondersteunende functie.  Zij helpen de school indien nodig met het organiseren van activiteiten, maar mogen ook zelf initiatieven naar voor brengen.
Voor meer inlichtingen kan u steeds terecht bij volgende voorzitters:
Halen                         Vera Swartenbroek
Loksbergen               Lisbet Segers

De schoolraad
In deze raad krijgen de personeelsleden, de ouders en de lokale gemeenschap informatie en inspraak in het dagelijkse onderwijsgebeuren in de school.
Elk met hun eigen inbreng, komen zij samen op voor de christelijke opvoeding van onze leerlingen.

Voorzitter   Thys Johan (Lokale gemeenschap)
Leden         Dekoning Claudia– Bosmans Nathalie – Vanhoef Annick (Ouders)
                  Colling Sonia - Vanluyten Martine– Vanoppen Els (Personeel)
                  De Brone Jeanine - Schelle Gerda (Lokale gemeenschap)
                  Cornelissen Viviane - Vanderbruggen Rita (directie)

Scholengemeenschap Halen / Herk-de-Stad
Onze scholengemeenschap bestaat uit 7 scholen: Vrije Basisschool Centrum Herk-de-Stad; Vrije Basisschool Donk; Vrije Basisschool Schulen; Vrije Basisschool Berbroek; Vrije Basisschool Schakkebroek; Bijzonder Lager Onderwijs Herk-de-Stad en onze school.
Zij heeft tot doel om gezamenlijk het personeelsbeleid in goede banen te leiden.

Voorzitter                               Coemans Louis
Coördinerend directeur          Cornelissen Viviane

LOC (Lokaal Overleg Comité)
Dit orgaan verdedigt de belangen van het eigen personeel in de Scholengemeenschap.

Directie                         Cornelissen Viviane
Inrichtende Macht         Merckx Jos
Vakbondsafgev.            Adriaens Rita - Franssen Jan

Klassenraad
Doel: iedere maand worden individuele leerlingen of een leerlingengroep besproken.
Door wie: directie, leerkracht betrokken leerling, zorgcoördinator, CLB + eventueel ouders of andere instanties.

Omgaan met leerlinggevens
De school houdt rekening met de privacywetgeving.  Ouders krijgen de garantie dat alle persoonlijke gegevens enkel door de directie aangewend worden onder de toepassing van de wet ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.  Ouders hebben het recht deze gegevens op te vragen en zo nodig te laten verbeteren, voor zover ze betrekking hebben op hun kind en zichzelf.
Indien de ouders gescheiden zijn, hebben beide partijen recht op informatie.  Dit kan best tijdig gemeld worden aan de directie of klasleerkracht.  Zo kan de nodige informatie (vb rapport, brieven, …) bezorgd worden aan beide ouders.

Oudercontacten.
0 Individuele oudercontacten in de KS:

1 ste kleuterklas A:
in september en 2 e helft van het schooljaar infoavond voor ouders en
open klasdag voor kleuters + ouders.
1 ste kleuterklas B:
2 de helft van het schooljaar:
dit oudercontact gebeurt adhv de screeningen + uitwisseling van informatie tussen klasjuf en ouders.
2 de kleuterklas:
2 de helft van het schooljaar:
dit oudercontact gebeurt adhv de screeningen + uitwisseling van informatie tussen klasjuf en ouders + indien nodig adhv Cito-test
3 de kleuterklas:
tijdens 1 ste trimester -> risicokleuters Rekenbegrippentest + Cito
tijdens 2 de trimester -> adhv screening Wb, Bth ,Comp. + info
vanuit Toeters + uitwisseling van informatie tussen klasjuf en ouders.
tijdens 3 de trimester -> risicokleuters Kontrabas.

0 Individuele oudercontacten in de LS.:

- alle klassen: eind 1 ste trimester: bespreking kerstrapport
- alle klassen ( behalve 1 ste leerjaar Ha ) eind 2 de trimester: bespreking paasrapport
- 1 ste leerjaar Ha: eind 3 de trimester: bespreking eindrapport.


1.3  ONS PEDAGOGISCH PROJECT

Wij verwachten van alle ouders dat ze loyaal achter de identiteit en het pedagogisch project van onze school staan en deze mee dragen.
Hieronder vindt u een beschrijving van de 5 uitgangspunten van ons pedagogisch project.  U kunt steeds terecht bij de directeur voor verdere informatie.

A.  De uitgangspunten van onze christelijke identiteit.

Wij zijn een katholieke school en willen een pedagogisch verantwoord onderwijs en een kwaliteitsvolle opvoeding aanbieden.  Onze inspiratie vinden wij in het evangelie en in de katholieke traditie.  Wij zijn een dienst van de kerkgemeenschap aan jonge kinderen.

Wij gaan ervan uit dat je mens wordt in een verbondenheid met anderen, met de wereld en met jezelf.  In deze verbondenheid ervaren we God als dragende grond en krijgt ook de verbondenheid met het mysterie concreet gestalte.  Vanuit onze verbondenheid met God durven we als katholieke basisschool de toekomst hoopvol tegemoet zien en vertrouwen we erop dat onze inspanningen niet op niets uitlopen.

Vanuit ons christelijk geïnspireerd mensbeeld geven we voorrang aan waarden als:

  1. het unieke van ieder mensenkind
  2. de verantwoordelijkheid van ieder mens voor zijn handelen,
  3. verbondenheid en solidariteit met anderen,
  4. vertrouwen in het leven (hoop),
  5. genieten van en dankbaar zijn voor wat ons gegeven is,
  6. openheid, respect en zorg voor mens en natuur,
  7. verwondering door het gewone als ongewoon te ervaren,
  8. vergeving kunnen geven en ontvangen als herstel van verbondenheid,
  9. zorgzame nabijheid en troost voor mensen in moeilijke situaties,

Wij bieden in onze school gevarieerde en zinvolle pastorale activiteiten aan.  We nodigen alle leerlingen regelmatig uit op activiteiten die gericht zijn op:
- de ontmoeting van elkaar in verbondenheid; vb. onthaal en gebed ’s morgens in de klas
- de verdieping in de Bijbelse Boodschap: vb. godsdienstles
- de dienstbare en solidaire inzet voor anderen dichtbij en veraf:
   vb. behulpzaam voor elkaar in dagelijkse omgang
   vb. deelname missiewerking, vastenwerking, damiaanactie
- het vieren van belangrijke gebeurtenissen in het leven op school, in verbondenheid met elkaar en (waar het kan) in verbondenheid met God.
  vb. pensioen van een leerkracht
       1ste communie en vormsel
       deelname van afscheidsvieringen bij een overlijden

In de godsdienstlessen die door alle leerlingen verplicht gevolgd worden komt de christelijke levensbeschouwing uitdrukkelijk ter sprake.  De godsdienstlessen ondersteunen de levensbeschouwelijke ontwikkeling van de kinderen.  Ons doel is de kinderen te helpen om competente vertellers te worden van het levensbeschouwelijke in hun eigen levensverhaal.  We brengen kinderen thuis in de verhalen uit de eigen traditie, en leren hen de verbinding leggen tussen deze verhalen en de existentiële vragen en grenservaringen uit het eigen leven en uit het leven van andere mensen.  Dat veronderstelt communicatie.  Zonder de verankering in een traditie heeft de dialoog echter geen grond onder de voeten.  Er bestaat geen levensbeschouwelijke benadering van de werkelijkheid los van een levensbeschouwelijke traditie.  In onze school opteren we uitdrukkelijk voor de benadering van de levensbeschouwelijke dimensie vanuit de christelijke godsdienst en de katholieke traditie.
Ook de zinvragen die zich aandienen in de andere leergebieden komen daar uitdrukkelijk aan bod.
vb. In iedere godsdienstactiviteit steekt een boodschap voor elk kind.  Deze boodschap vormt een bijdrage tot een fijne dagelijkse omgang met elkaar.

B.  Wij zorgen voor een degelijk en samenhangend inhoudelijk aanbod.

We staan stil bij wat kinderen moeten leren om op te groeien tot ‘goede’ mensen.
De uniekheid van elk kind staat voorop.  Ons aanbod is gericht op de harmonische ontwikkeling van de totale persoon: hoofd, hart en handen.

Doorheen ons aanbod brengen we kinderen in contact met alle componenten van de cultuur:
de wereld van taal en communicatie
de wereld van het muzische
de wereld van cijfers en feiten
de wereld van de techniek
de wereld van het samenleven
de wereld van verleden en heden
de wereld van het goede
de wereld van zingeving

In ons aanbod is een logische samenhang te vinden:
We werken met leerlijnen waarin het ene logisch volgt uit het andere.  We bouwen voort op wat kinderen reeds beheersen.
We zorgen er ook voor dat alles wat kinderen leren in de verschillende leergebieden en leerdomeinen zinvol samenhangt.

We willen dat wat kinderen leren deel wordt van hun zijn, van hun persoon.  Het is niet voldoende dat kinderen beschikken over een aantal weetjes of dat ze een aantal vaardigheden kunnen toepassen als de leerkracht het vraagt.  Waar het uiteindelijk op aan komt, is dat kinderen leren met het oog op het leven.  Dat ze de dingen die ze leren kunnen plaatsen en gebruiken in hun leven.  Dat is leren dat zin heeft en zin geeft.
vb. Elke leerkracht kent in september het niveau van haar/zijn klasgroep.  Op basis van een gesprek met de voorgaande leerkracht, kent zij de noden van de klas.  Aan de hand van deze noden past de leerkracht haar/zijn leerstof aan, zodat men tegemoet komt aan de verschillende ontwikkelingsmogelijkheden van alle kinderen.

C.  We kiezen voor een doeltreffende aanpak en een stimulerend opvoedingsklimaat.

We zoeken naar de beste aanpak om het leren van de kinderen te ondersteunen en te begeleiden.
Wij nemen kinderen serieus.  Kinderen staan positief tegenover het leven en de wereld.  Wij willen aansluiten bij die positieve ingesteldheid.
Leren is niet een vullen van vaten met alle mogelijke kennis.  Kinderen zijn zelf actief betrokken in het leren.  Ze bouwen nieuwe kennis, inzichten en vaardigheden op, bouwen voort op wat ze reeds kennen en kunnen.
vb. Leeruitstappen: herfstwandeling, sneeuwklassen, bezoek aan musea, toneelvoorstellingen, …
Klasoverschrijdende activiteiten: samen knutselen, hoekenwerk, zingen in groep, samen       exploreren in W.O., …
Zelfstandig informatie opzoeken via internet, woordenboek, bibliotheek, …

Van onze leerkrachten verwachten we dat ze:

  1. model staan voor goed leren
  2. strategische vragen stellen
  3. aansluiten bij wat de leerlingen reeds beheersen
  4. zinvolle contexten aanbieden
  5. interactieprocessen begeleiden
  6. peilen naar de vorderingen
  7. helpen en coachen

D.  We werken aan de ontplooiing van elk kind, vanuit een brede zorg.

Wegwijzers hiervoor zijn:
1.  Zorgen voor elk uniek kind!
Met zorgbreedte (1.1) bedoelen we: de wijze waarop we met ons opvoedings- en onderwijsaanbod antwoorden zoeken op “gewone zorgvragen” van alle kinderen, zodat zij optimale kansen krijgen om hun totale persoon te ontwikkelen.
Bij zorgverbreding (1.2) gaat het om de inspanningen die we doen om een antwoord te zoeken op specifieke zorgvragen van een aantal kinderen.
Beide zorgaspecten vullen elkaar aan.  Zorgbreedte pleit voor een gedifferentieerde begeleiding van elk kind.  Zorgverbreding vraagt aandacht voor kinderen die om een bepaalde reden nog extra zorg nodig hebben.

1.1 Zorgbreedte: een brede zorg voor alle kinderen.

Goed onderwijs wil de verscheidenheid tussen kinderen ervaren als een geschenk en niet als een probleem of een belemmering.
Een team dat het opvoedings- en onderwijsaanbod afstemt op die verscheidenheid tussen kinderen en het dus zorgbreed invult, moet onder meer:
-> rekening houden met de verschillen tussen kinderen (op alle vlakken)
-> rekening houden met het eigen tempo, het eigen traject van elk kind.
-> de zelfstandigheid ondersteunen.
-> alle lagen van de totale persoon van het kind in het onderwijsaanbod betrekken zodat elk kind de kans krijgt zijn/haar eigen talenten te      ontwikkelen.
-> voldoende aandacht besteden aan de positieve ingesteldheid
-> zorgen voor een krachtige leeromgeving voor elk kind
     vb. door differentiatie
           duidelijke structuur
           driedimensionele materialen
           ingaan op interesses en mogelijkheden van elk kind 
-> observeren om een kind goed te leren kennen

1.2 Zorgverbreding: een antwoord zoeken op specifieke zorgvragen van kinderen

Sommige kinderen ontwikkelen opvallend anders dan we verwachten.  Ze roepen daarbij heel specifieke zorgvragen op.  Sommige kinderen zijn bijvoorbeeld opvallend snel, traag, teruggetrokken, gevoelig, …
Als wij dat bij kinderen opmerken, verbreden wij onze zorg om tegemoet te komen aan hun specifieke zorgvragen en om alzo te kunnen vermijden dat kinderen ontwikkelingsbedreigd raken.
We denken hierbij aan:
-> kinderen met ontwikkelingsachterstand op één of meerdere ontwikkelingsdomeinen
-> zwakbegaafde of hoogbegaafde kinderen
-> kinderen met andere thuistaal
-> kinderen met sociaal-emotionele problemen zoals teruggetrokken kinderen, gevoelige, angstige, … kinderen
-> kinderen met leermoeilijkheden
-> zieke of langdurige zieke kinderen
-> slechtziende of slechthorende kinderen
-> overactieve kinderen
-> zwaarlijvige kinderen
-> …
Aandacht hiervoor hebben kan onder meer betekenen:
-> werken met een kindvolgsysteem
-> regelmatig overleggen met ouders
-> gegevens verzamelen over de context van elk kind
-> regelmatig formele en informele overlegmomenten met het team voorzien
-> overleggen met externe instanties en dit zowel in het kader van preventie als in het kader van diagnose en remediëring
-> werken met een “leerkracht-zorgverbreder” die de tijd kan nemen om samen met en onder de verantwoordelijkheid van de      klasleerkracht, te zoeken naar de best mogelijke manier om tegemoet te komen aan de specifieke zorgvragen van kinderen.

2. Kinderen kennen.
Om in te gaan op gewone en specifieke zorgvragen van kinderen is het belangrijk om zo snel mogelijk een duidelijk beeld te krijgen van elk kind; wat zijn zijn/haar mogelijkheden, zijn/haar beperkingen.
Dit duidelijk beeld krijgen we van elk kind door hen te observeren:
-> hoe voelt een kind zich in de klas?
-> is het geïnteresseerd en intens bezig?
-> wat zijn zijn/haar ontwikkelingsmogelijkheden?
Deze observatie geeft ons de kans om
-> beter in te spelen op de leerlingen; zijn/haar interesses, zijn/haar mogelijkheden, zijn/haar gevoelens, de ontwikkelingsdomeinen waar hij/zij goed in is, de kennis en/of vaardigheden die slechts gedeeltelijk ontwikkeld zijn
-> gerichte actie te ondernemen
-> specifieke zorgvragen te ontdekken en op een gepaste manier tegemoet te komen aan deze zorgvragen.

“Een brede zorg voor elk kind!”  Wat betekent dit concreet voor onze school?
-> onze school beschikt vanaf 01/09/2003 over 2 voltijdse zorgcoördinatoren:
kleuterschool + 1ste en 2de leerjaar

Ingrid Pieraerts (Knapen)
Sportlaan 14
3545  Halen                  tel.  013/44.21.59

3de, 4de, 5de en 6de leerjaar

Denise Kimps (Loots)
Zittaardstraat 40
3545  Halen                  tel.  013/44.31.08

-> elke week brengt de zorgcoördinator 1 lestijden door in de klas van uw kind om
     -> te observeren
     -> hen te volgen in hun ontwikkeling
     -> een antwoord in overleg met de klasleerkracht te zoeken op de zorgvragen van uw kind
-> elke vrijdagnamiddag is er overleg tussen de zorgcoördinatoren – directie – C.L.B. en is er ook de mogelijkheid, indien u dat wenst, tot individueel oudercontact. (graag een seintje vooraf a.u.b.)
-> de zorgcoördinatoren nemen, indien nodig, ’s avonds of zaterdags telefonisch contact op met de ouders.

E.  Onze school als gemeenschap en als organisatie.

We erkennen onze partners in de opvoeding en het onderwijs van kinderen.  We respecteren ieders verantwoordelijkheid.  We zorgen voor een goede organisatie.

Onze school wordt gedragen door het hele team onder de leiding van de directie.  We werken samen, overleggen en streven naar een voortdurende kwaliteitsbewaking en –verbetering.

We delen onze zorg voor kwaliteitsvol onderwijs met:

  1. de ouders als eerste verantwoordelijken voor de opvoeding van uw kinderen.  Daarom streven we naar een goede communicatie en een zo groot mogelijke betrokkenheid van ouders bij de school;
  2. het schoolbestuur dat de eindverantwoordelijkheid draagt voor het beleid van de school:
  3. externe begeleiders die ons ondersteunen, vormen en ons helpen bij onze professionalisering;
  4. de lokale kerkgemeenschap die verwijst naar de traditie en het geloof van waaruit in de school gewerkt wordt;
  5. de lokale gemeenschap waarin we gestalte geven aan onze opvoedings- en onderwijsopdracht.

1.4     ONZE OPROEP AAN DE KINDEREN

1.  Op school respecteer ik de leefregels

Algemeen
Ik doe niet aan een ander wat ik zelf niet graag heb dat men aan mij doet.
Ik probeer vriendelijk te zijn tegen de andere kinderen.
Ik toon respect voor de anderen, zowel voor de leerkrachten als de andere leerlingen.  Ook heb ik respect voor al het schoolmateriaal.
Vechten, ruziemaken of pesten doe ik niet.
Anderen aanzetten om iets fout te doen doe ik niet.
Als ik onbeleefd was of iemand pijn deed, verontschuldig ik me spontaan.
Op school gebruik ik een voorname taal, ik spreek Algemeen Nederlands.
In de gang, op de trappen en in de deuropening geef ik voorrang aan bezoekers en leerkrachten.
Eerlijk zijn en behulpzaam zijn, wordt erg gewaardeerd bij ons op school.
Mijn kapsel en kledij zijn verzorgd zonder opvallend te zijn.
Op school wordt niet gesnoept.
Op maandagmorgen breng ik geld voor drankjetons mee.
Ik laat nooit geld in mijn jas, mijn boekentas, in de klas.
Ik zorg ervoor dat al mijn persoonlijk materiaal getekend is (jas, turngerief,...)
G.S.M. en andere computerspelletjes laat ik thuis.

Veiligheid
Ik zorg dat ik ruim op tijd vertrek en tijdig op school ben.
Als ik ‘s middags thuis ga eten, kom ik niet terug naar school voor 12.30 u.
Van huis naar school en terug neem ik de kortste of veiligste weg.
Onderweg let ik erg goed op de verkeersregels.
Mijn boekentas plaats ik ordelijk onder het afdak.
Ik verlaat de school nooit zonder toelating.
Ik ga rustig van en naar de klassen en op de trappen.
Bij alarm volg ik heel nauwkeurig de richtlijnen.
Bij een ongeval verwittig ik meteen een volwassene in de school.
Als ik per ongeluk iets stuk maak, meld ik dit dadelijk aan de leerkracht of de directie.
Na de school ga ik onmiddellijk in de rij staan.

Tijdens de speeltijden
Tijdens de pauze blijf ik niet zonder toestemming in de klas.
Ik speel sportief zonder ruw te zijn.
Ik blijf niet rondhangen in de toiletten of de gangen.
In de gangen en op de toiletten praat, speel of eet ik niet.
Ik draag mee zorg voor de orde op de speelplaats.
Afval sorteer ik netjes in de geschikte vuilnisbak.
Problemen meld ik aan de leerkracht met toezicht.
Met krijt op de muren schrijven doe ik niet.
Bij het 1ste belsignaal stop ik met spelen, ruim ik het speelgoed op en ga ik meteen naar de rij.
Bij het 2de belsignaal praat ik niet meer.

In de eetzaal
Mijn eten breng ik mee in een brooddoos met mijn naam er op.
Ik breng alleen gezonde versnaperingen mee.
Cola en limonade breng ik niet mee naar de refter.
Aan tafel blijf ik rustig en verzorg ik mijn houding.
In de refter is het stil tot iedereen klaar is met eten.

2.  Op school volg ik ook de leerregels

In de klas doe ik mijn best om goed mee te werken.
Als ik iets niet versta vraag ik om uitleg voor, tijdens of na de les.
Ik leer mijn lessen en maak mijn huiswerk.
Ik zorg er voor dat ik altijd het nodige schoolgerei mee heb, ook voor het zwemmen en de turnles.
Elke dag toon ik thuis mijn agenda en laat hem ondertekenen.

3.  MOS-school

MOS = Milieuzorg Op School
Onze school is een MOS-school.  Samen met alle leerlingen, leerkrachten en ouders willen wij werken rond thema’s zoals afval en verkeer.

Afval
Wij willen in onze school de afvalberg zo klein mogelijk houden.  Daarom vragen we om zoveel mogelijk gebruik te maken van een drinkbeker of hervulbaar flesje om zo de massa brikjes te vermijden. (Liefst water meegeven.)
Boterhammen en koekjes in een brooddoos zorgen ook hier voor minder afval van verpakkingsmateriaal.

Verkeer
De omgeving van de school verkeersvriendelijker maken door: auto’s te parkeren op een parking en de leerlingen aan te moedigen om met de fiets naar school te komen.
Zie ook blz. 15 e.v.

Met de thema’s afval en verkeer behaalden we met de school van Loksbergen reeds Logo 1 en 2, de school van Halen behaalde ook reeds logo 3 door sterk bezig te zijn met beide thema’s.
Logo 3, trouwens laatste logo, gaan we dit schooljaar proberen te bereiken met Loksbergen.
Hiervoor gaan we een nieuw thema aan nl. “Natuur’.

Gezond
Wij willen graag een “gezonde school” zijn.
Daarom organiseren we wekelijks een fruitdag i.s.m. het oudercomité en enkele bereidwillige fruitmama’s.  Elk kind krijgt wekelijks gratis een stuk fruit (gewassen en/of geschild) aangeboden.
We willen eveneens als drank “water” aanbevelen; een gezonde, natuurlijke, dorstlessende en niet kleverige drank.

Rookverbod
Er geldt een algemeen rookverbod voor iedereen in alle gesloten ruimten op school. In open plaatsen geldt dit verbod op weekdagen tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Tijdens extra-murosactiviteiten is het elke dag verboden te roken tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Bij overtredingen van dit rookverbod kunnen er orde- en tuchtmaatregelen getroffen worden.


DEEL 2    GOEDE INFORMATIE, GOEDE AFSPRAKEN, GOEDE VRIENDEN

2.1         Hoe ziet een dag en week eruit in onze school?
- Schooluren
- Dagindeling K.S. en L.S.
2.2         Veilig van en naar school, veilig op school.
- Bewakingen
- Veilig van en naar school (uit infoblad gemeente)
- Veiligheid aan de schoolpoorten
- Busvervoer
2.3         Een woordje over onze verzekering
2.4         De voor- en naschoolse opvang.
- Buitenschoolse opvang.
2.5         Wetenswaardigheden over lessen en pedagogische activiteiten.
- Zwemmen
- Culturele activiteiten: toneelvoorstellingen enz...
- Schoolreizen / Uitstappen.
- Lessen Lichamelijke opvoeding / Sportactivteiten.
- Sneeuwklassen.
2.6         Toelichting bij onze pedagogische aanpak.
- Animatieproject.
- Levenshouding op school / Omgangsvormen.
- Wat de kinderen allemaal leren.
- Zorgverbreding.
- Eerste Communiewerking.
- Niveaulezen.
2.7         Onze evaluatieaanpak en het rapport.
- Schoolagenda.
- Huistaken.
- Schoolrapport / Toetsen.
- Het zittenblijven.
2.8         Nog een paar goede afspraken.
- Kledij en uiterlijk.
- Schoolmateriaal.
- Snoepverbod.
- Vieren van verjaardagen.
- Herstellende en zieke kinderen.
- Adresverandering.
- Tijdschriften.
- Hulpouders.

2.1     HOE ZIET EEN DAG EN WEEK ERUIT IN ONZE SCHOOL.        

Schooluren
Halen                    08.50 - 12.00 u.             13.00 - 15.40 u.            (vrijdag tot 15.00 u.)
Loksbergen           08.40 – 11.50 u.            12.50 - 15.30 u.             (vrijdag tot 14.50 u.)

Speeltijden
Halen                    10.30 - 10.45 u.             14.40 – 14.50 u.            (vrijdag niet)         
Loksbergen           10.20 – 10.35 u.            14.30 – 14.40 u.            (vrijdag niet)

Middagonderbreking
Halen                    12.00 - 13.00 u.             Loksbergen           11.50 – 12.50 u.
Kinderen die naar huis gaan, worden pas terug in de school verwacht vanaf 12.30 u.

Dagindeling K.S.
Voormiddag          Onthaal - Godsdienstig moment - Muzikale opvoeding - Waarneming - Activiteiten (taal - manuele)
Namiddag             Onthaal - Kiesuur - Activiteit - Verhaal

Dagindeling L.S. (lessenrooster zie 2.6)
Voormiddag          3 lestijden van 50 '
1 lestijd van 25'
Namiddag             3 lestijden van 50' (vrijd. 2 lest. van 50' + 20').    

2.2     VEILIG VAN EN NAAR SCHOOL, VEILIG OP SCHOOL.

Bewakingen
- Onze leerlingen worden bewaakt: 's morgens, tijdens de speeltijden en de middagpauze. ’s Avonds gaat de bewaking door op de speelplaats van de lagere school in de Gen. de Wittestraat.  Kleuters die niet worden afgehaald op de kleuterspeelplaats gaan met de schoolbus mee naar het kinderdorp.  Leerlingen die na bewakingstijd niet zijn afgehaald worden ook naar het kinderdorp gebracht.
Toezicht voorzien door de leerkrachten
- 's morgens vanaf 08.05 u.
- 's avonds :               Halen -> 16.10 u.           Loksbergen -> 15.50 u.
- 's woensdags :         Halen -> 12.30 u.           Loksbergen -> 12.10 u.
- 's vrijdags :              Halen -> 15.30 u.           Loksbergen -> 15.10 u.
- Om de burgerlijke aansprakelijkheid binnen bepaalde grenzen te houden, kunnen er vóór of na  de bewakingsuren geen leerlingen op de speelplaats toegelaten worden.
- De leerlingen die op hun ouders wachten, moeten op de speelplaats blijven.
- Wij vragen met aandrang aan de ouders hun kinderen op te vangen aan het schoolpoortje en dus alleen maar de speelplaats te betreden indien zij contact wensen op te nemen met de directie of de leerkracht.  Dit alles voor de goede orde op school!

Veilig van en naar school 
* Als je je kind naar school brengt MET DE WAGEN.
- Gebruik een goedgekeurd kinderzitje of verhogingskussen (E-label) in combinatie met een autogordel.
- Stop niet vlak voor de uitgang van de school, maar altijd iets verderop.  Let wel: niet om het even waar: niet aan een bushalte, niet vlakbij of op een oversteekplaats, ...
- Laat je kind uitstappen aan de kant van de school op het voetpad.  Wanneer dit niet mogelijk is, laat je kind dan niet alleen oversteken.
- De reacties van kinderen zijn onvoorspelbaar: wees voorzichtig in de buurt van een school.
- Rijd fietsers niet rakelings voorbij, minstens 1 meter tussenruimte is verplicht.
- Maak nooit rechtsomkeer of voer nooit andere complexe manoeuvers uit nabij de school.
- Matig je snelheid telkens als je in de buurt van een school komt.

* Als je kind MET DE FIETS naar school gaat:
- Kies een veilige route.  De kortste route is niet steeds de veiligste.
- Weeg goed af of je kind reeds zelfstandig naar school kan fietsen.  Beheerst het de vaardigheden nodig om de schoolweg veilig af te leggen?
- Rijd samen met je kind die route, die het straks alleen zal afleggen.  Oefen de route meermaals, ook op tijdstippen dat je kind de route gewoonlijk moet fietsen.
- Bespreek onderweg hoe je kind zich als fietser moet gedragen.  Oefen de situatie eerst samen.  Blijf eerst voor het kind fietsen (zo mogelijk naast elkaar).  Later fiets je achter het kind, zodat je kan controleren of het geleerde goed wordt toegepast.
- Leer het kind dat het duidelijk en tijdig moet laten zien dat het van richting gaat veranderen.
- Uit voorzorg kan je je kind een kruispunt lopend laten oversteken, op een zebrapad of bij een voetgangerslicht.
- Let erop, dat het kind op een veilige manier bagage vervoert, bv. in een schooltas op de rug of in een tas met snelbinders op de bagagedrager bevestigd.  Laat nooit tassen aan het stuur hangen!
- Kleding: zorg voor lichtgekleurde kleding en reflectoren.
- Controleer samen met het kind of de fiets in orde is (remmen, lichten, banden, ...).  Zorg voor propere reflectoren en lichten.
- Als je je kind achterop de fiets naar school brengt, moet je zorgen voor een veilig zitje met voetsteunen en een veiligheidsgordeltje.

* Als je kind TE VOET naar school gaat:
- Zoek een veilige route.  De kortste route is niet steeds de veiligste.
- Weeg goed af of je kind reeds zelfstandig naar school kan stappen.  Beheerst het de vaardigheden nodig om de schoolweg veilig af te leggen?
- Geef altijd het goede voorbeeld.
- Leer het kind steeds zo ver mogelijk van de stoeprand te stappen.
- Laat het opletten voor wagens die uit een garage kunnen komen.
- Leer het kind over te steken zoals het hoort: stoppen voor een stoeprand, uitkijken naar alle kanten waarvan verkeer kan komen en luisteren, recht oversteken en blijven opletten.
- Herinner je kind eraan dat het bij het oversteken steeds voorzichtig moet zijn en rekening moet houden met naderende voertuigen.  Sommige bestuurders stoppen om een voetganger voorrang te verlenen, andere niet.
- Geef het kind de tijd om rustig over te steken.  Benadruk dat het nooit mag hollen.
- Bespreek met je kind onderweg waar het best kan stappen, op welke plekken er het veiligst overgestoken kan worden en hoe het kind dat moet doen.
- Zorg ervoor dat het kind in het donker goed gezien kan worden, door lichtgekleurde kleding en reflecterend materiaal.
- Wacht je kind, indien mogelijk, op aan de kant van de school en niet aan de overkant als je het afhaalt.

* Als je kind MET DE BUS naar school gaat:
- Leer je kind op het voetpad te wachten op de bus of in het wachthokje als er een is.
- Het kind mag de bus niet tegemoetlopen, het moet wachten tot die stilstaat.
- Laat het gaan zitten als er plaats is, zo kan het niet naar voren vallen als de bus bruusk remt.
- Na het uitstappen moet het kind wachten tot de bus weggereden is, om over te steken.

* Goed om weten: Aantal inzittenden in een auto.
Het verkeersreglement zegt dat er niet meer inzittenden in een auto mogen dan het aantal zitplaatsen, uitgerust met een veiligheidsgordel of niet.  Sommige auto's hebben wel plaatsen waar geen gordel geïnstalleerd hoeft te zijn (zoals een minibus).  De aanwezige gordels en zitjes moeten wel eerst gebruikt worden.  In een personenauto zijn alle plaatsen verplicht uitgerust met gordels (normaal 5), dus kunnen maximaal 5 personen mee.

Veiligheid aan de schoolpoorten
Voor de afdeling Halen
- Om een vlot en ordelijk verloop te bekomen bij het einde der lessen, wijzen wij erop dat de leerlingen in een rij begeleid en overgezet worden in de Gen. de Wittestraat (tegenover Vandepaer).
- De leerlingen van de lagere school die gebruik maken van het busvervoer worden begeleid tot op de speelplaats van de Gen. de Wittestraat waar bewaking voorzien is.

Voor de afdeling Loksbergen
- Gezien de zeer gevaarlijke toegang tot de school via de Loksbergenstraat, vragen wij aan alle ouders van kleuters en leerlingen van 1ste, 2de , 3de en 4de  leerjaar de toegang in de August Cuppens­straat te gebruiken.
- Voorzichtigheid bij het oversteken blijft natuurlijk geboden!
- De leerlingen van 5de en 6de leerjaar worden na de school op het zebrapad overgezet en begeleid tot op de speelplaats van de kleintjes waar bewaking is voor de leerlingen van de bus.

Nota:
Wij vragen met aandrang aan de ouders die hun kind(eren) met de wagen brengen en afhalen: vermijd a.u.b. te parkeren vlak vóór de schoolpoort, dit is erg onveilig, zowel voor uw kind als voor de andere kinderen.

Busvervoer
- Zowel in Loksbergen als in Halen is er busvervoer, ingericht door de gemeente.
- Inlichtingen i.v.m. prijs, opstapplaatsen en tijdstip kunnen bij de directie bekomen worden.
- Kleuters rijden gratis.
- De bus rijdt 's morgens, 's avonds en op woensdagmiddag.
- Op de bus is er begeleiding voorzien.  De begeleider staat in voor de veiligheid van de kinderen van bij het instappen tot bij het uitstappen.  De begeleider blijft op de bus.
- De ouders dragen de volledige verantwoordelijkheid tot het kind 's morgens is opgestapt en zodra het kind is afgestapt.
- Als u uw kind niet opwacht aan de afstapplaats, wordt uw kind terug meegenomen naar de school en wordt het naar de kinderopvang gebracht, waar het door u kan afgehaald worden.
Ook kunt u via een ondertekende verklaring te kennen geven dat uw kind alleen van de bushalte naar huis mag gaan.
- Indien uw kind van het leerlingenvervoer gebruik maakt, gelieve dan contact op te nemen met de school.

2.3     EEN WOORDJE UITLEG OVER ONZE SCHOOLVERZEKERING

- Onze school heeft een verzekering "Burgerlijke aansprakelijkheid" en "Kosten van
geneeskundige verzorging" afgesloten bij Willex.
- Onze kinderen zijn verzekerd voor ongevallen hun overkomen tijdens de schooluren, overal waar zij onder toezicht staan van het personeel (bv. uitstappen) en voor ongevallen van en naar de school, indien zij de gewone weg gebruiken en deze afleggen binnen een normale tijdspanne.

Wat te doen bij een ongeval?
1.  U laat zo vlug mogelijk een aangifteformulier invullen op school en een medisch attest van vaststelling door de arts die de eerste zorgen toediende.  U ontvangt in de school ook nog een attest van tussenkomst van het ziekenfonds.
2.  U vereffent zelf alle rekeningen en u verzoekt uw ziekenfonds om terugbetaling.  Daar zal men het attest van tussenkomst invullen, waaruit het door u betaalde deel van de onkosten blijkt.
3.  U bezorgt alle formulieren aan de school die voor de verzending naar de verzekering zorgt.
4.  Het bedrag van de onkosten wordt op uw rekening gestort.

Aandacht
- We vestigen er uw aandacht op, beste ouders, dat uw kind op school en daarbuiten zelf verant­woordelijk is voor zijn/haar schoolgerief, kleding, fiets, bril en al wat uw kind mee naar school neemt.  Dit alles valt buiten de schoolverzekering.
De school kan in geval van beschadiging, verlies of diefstal nooit verantwoordelijk worden gesteld.  Juwelen, armbanden, kettinkjes e.d. dus beter thuislaten. 
Op school worden de gevonden voorwerpen bewaard.  Bij verlies neem je best zo snel mogelijk contact op met de klasleerkracht of de directie.
- Voor dringende geneeskundige zorgen tijdens de schooluren doen wij beroep op één van de bereikbare artsen in de omgeving.
Wij proberen u zo vlug mogelijk telefonisch op de hoogte te brengen.
- De begeleider die toezicht heeft op de bus, is verantwoordelijk voor de kinderen, tot zij van de bus zijn gestapt, daarna dragen de ouders de verantwoordelijkheid.  De verzekering blijft echter geldig tot het kind het huis heeft bereikt.
- Ouders en sympathisanten die op vrijwillige basis hun diensten aanbieden in de school, zijn ook verzekerd voor  ongevallen die hun eventueel zouden overkomen van en naar school, in de school of op plaatsen waar zij kinderen vergezellen. (lichamelijke letsels)

Vrijwilligers
De school maakt bij de organisatie van verschillende activiteiten gebruik van vrijwilligers.  De nieuwe wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van de vrijwilligers verplicht o.m. de scholen om aan de vrijwillgers een organisatienota voor te leggen.  Omdat elke ouder een schoolreglement ontvangt en voor akkoord ondertekent, kiest de school ervoor om de organisatienota in het schoolreglement op te nemen.  Op die manier is elke ouder op de hoogte.

Preventie en welzijn
De beleidsverklaring i.v.m. preventie en welzijn kan op het secretariaat ingekeken worden.

 2.4     DE VOOR- EN NASCHOOLSE OPVANG

Opvang in de school
(zie bewakingen 2.2)

Buitenschoolse opvang
V.Z.W. Kinderdorp - kinderopvang  (Inrichtende instantie: gemeentebestuur Halen)

Halen               Kinderdorp            013/46.13.95

Sportlaan
3545  Halen

Loksbergen      Kinderdorp                    013/46.10.17

Panoven 45
3545  Loksbergen

  
Het "Kinderdorp" is een veilige opvang voor uw kinderen tussen 2,5 en 12 jaar vóór en na de schooluren, tijdens de schoolvakanties en in onvoorziene omstandigheden.
Voor Halen en Loksbergen is er elke dag busvervoer (gratis) voorzien van en naar het Kinderdorp.

Openingsuren tijdens de schooldagen
Er is buitenschoolse opvang vóór en na de schooluren dagelijks vanaf 06.30 u. tot aanvang van de lessen en vanaf het einde van de lessen tot 18.30 u.

Tijdens de schoolvakanties en op verlofdagen is er opvang in Kinderdorp.
Voor verdere inlichting contacteert u best de inrichtende instantie.

2.5     WETENSWAARDIGHEDEN OVER LESSEN EN PEDAGOGISCHE ACTIVITEITEN

Zwemmen
- Alle leerlingen van de lagere school (1ste lj. Halen niet) en de 3de kleuterklas gaan 1 maal per maand zwemmen (Stedelijk Zwembad – Lummen of Diest).
- Leerlingen die om één of andere reden niet mee gaan zwemmen, brengen een schriftelijk bewijs mee, ondertekend door de ouders.
- Niet-zwemmers blijven in de school onder toezicht van een leerkracht of gaan mee naar het zwembad.
- De gemeente zorgt voor het busvervoer.
- Elk kind krijgt een brief met de zwemdata (bewaar deze zorgvuldig).

Culturele activiteiten
- U wordt tijdig op de hoogte gebracht van de culturele activiteiten via agenda en brieven.

Schoolreizen - uitstappen
- Alle kleuters en alle leerlingen van de lagere school gaan 1x per jaar op schoolreis.  Directie en leerkrachten zoeken samen naar een geschikte bestemming.
- In de loop van het schooljaar kunnen nog andere activiteiten en leeruitstappen gepland worden.  U wordt steeds tijdig op de hoogte gebracht.

Lichamelijke Opvoeding - sportactiviteiten
- De kleuters hebben 2 lesuren per week bewegingsopvoeding door een juf. L.O.
- De leerlingen van de lagere school hebben 2 lessen bewegingsopvoeding per week (1 les van gespecialiseerde leerkracht L.O. - 1 les van de klastitularis) in een daartoe ingerichte zaal: sporthal Halen.
- Opdat de lessen lichamelijke opvoeding in optimale omstandigheden kunnen gegeven worden én daarbij zouden opvoeden tot fair-play en stijl, wordt van de leerlingen een bepaalde uitrusting verwacht: * witte turnpantoffels (voor de kleinsten liefst met elastiek)
* uniform: shortje + bloesje (met embleem van de school) aan te schaffen in de school; shortje: € 9,50 - bloesje: € 9,50
- Vraag uw kind geregeld de turnkleding mee naar huis te nemen voor een wasbeurt.
- Sportdag: 1 volledige dag.
- Deelname aan de scholenloop.
- Deelname aan de kennismakingsdag van de verschillende sporten.
- Deelname aan provinciale wandeldag.
- Deelname aan andere sportactiviteiten op woensdagnamiddag.

Sneeuwklassen
De sneeuwklassen worden om de twee jaar georganiseerd voor de leerlingen van het 5de en 6de leerjaar (in de "even" jaartallen dus 2010)

2.6     TOELICHTING BIJ ONZE PEDAGOGISCHE AANPAK

Animatieproject
Ieder jaar werkt de begeleidingsdienst van het bisdom een jaarthema uit dat via maandthema's in de school wordt aangeboden.

Levenshouding op school / Omgangsvormen.
Elke maand wordt één bepaald aandachtspunt i.v.m. levenshouding of omgangsvormen speciaal belicht zowel in de kleuterschool als in de lagere school.  Hopelijk dragen wij zo ons steentje bij om houding en gedrag, in en buiten de school positief te beïnvloeden.

Wat de leerlingen allemaal leren
- Wij trachten elke dag, in elke klas te werken aan de concretisering van de doelen van ons opvoe­dingsproject via
* het schoolwerkplan van onze school
* het onderwijsaanbod uitgewerkt in de leerplannen van het katholiek onderwijs voor de volgende

leergebieden:                  - godsdienst
- Nederlands (L.S. ook tweede taal)
- wiskundige initiatie (K.S.) en wiskunde (L.S.)
- wereldoriëntatie
- lichamelijke opvoeding
- muzische vorming (zang - voordracht - knutselen - tekenen - handwerk)
en voor het lager onderwijs de leergebiedoverschrijdende thema's:
- leren leren
- sociale vaardigheden

Zorgbeleid
Dit schooljaar hebben alle scholen uren gekregen die het mogelijk maken om, al dan niet in combinatie met de uren vanuit Gelijke Onderwijskansen (GOK), een zorgbeleid op school uit te tekenen.
Het is belangrijk dat de school dit zorgbeleid uitwerkt vanuit een eigen visie, m.a.w. een zorgbeleid dat gekoppeld wordt aan het schoolwerkplan en/of aan het uitgeschreven actieplan van uit Gelijke Onderwijskansen (GOK).

De uitbouw van dit zorgbeleid op school dient zich te vertalen op drie niveaus:

  1. De coördinatie van het zorgbeleid op het niveau van de school of scholengemeenschap.
  2. Het ondersteunen van leerkrachten en leidsters op klasniveau.
  3. Het begeleiden van leerlingen en kleuters op individueel niveau.

We stellen voorop dat de klastitularis de spilfiguur is.  Hij is het die het dichtst bij de kinderen staat en dus ook zijn kinderen kent en begeleidt.  Hij kan ondersteuning en hulp inroepen van zijn zorgbegeleider of van leerkrachten uit het zorgteam.

Het zorgbeleid moet uiteraard gedragen worden door het hele team dat een gelijkgerichte visie ontwikkelt over “Een zorgzame school”.

Voor meer info zie 1.3 Pedagogisch project, punt D.

Eerste communiewerking
Onze school is nauw betrokken bij de voorbereiding op de eerste communie in samenwerking met ouders en parochie.
De ouders worden tijdig uitgenodigd op een info-vergadering hieromtrent.

Niveaulezen
Omdat we rekening willen houden met elk kind afzonderlijk, organiseren we in onze school "niveaulezen".
Aan de hand van individuele leestesten, worden kinderen ingedeeld in groepjes van max. 5 leerlingen met hetzelfde leesniveau.
Eén keer per week gedurende 50 min. oefenen onze leerlingen in Halen met een leesbroer of –zus uit het 6de lj., in  Loksbergen met een leesouder.

2.7     ONZE EVALUATIEAANPAK EN HET RAPPORT

De schoolagenda
-   Elke leerling van de lagere school heeft een klasagenda, waarin hij/zij werken en lessen noteert.
-   De agenda kan ook gebruikt worden voor mededelingen van leerkracht naar ouders of omge­keerd.
-   In het 1ste leerjaar zal de leerkracht aanvankelijk zelf korte mededelingen noteren.
-   Mogen wij u vragen deze agenda dagelijks in te kijken en te ondertekenen.
-   Ook de kleuters hebben hun "agenda" of liever een schriftje met mededelingen. 
Beste ouders, kijk regelmatig in de boekentasjes of er een boodschap voor u is.

De huistaken
Principieel worden op maandag, dinsdag en donderdag (woensdag en vrijdag facultatief) huiswerken meegegeven.  De bedoeling hiervan is:
1.  Een opdracht zelfstandig én schriftelijk leren uitvoeren en dit op korte of op langere termijn.
2.  Lessen oefenen:         - toepassing op behandelde leerstofpunten (vooral taal en rekenen)
- geheugentraining
- kopiëren
- lezen
3.  Een volgende klasdag voorbereiden:      
- lessen herhalen of leren als voorbereiding op toetsen
- knutselmateriaal verzamelen
- documentatie zoeken (W.O., thema's, ...)
Frequentie en omvang variëren van leerjaar tot leerjaar, doch omvatten een vaste regelmaat, in functie van het aankweken van een leer- en werkhouding (attitude van zelfwerkzaamheid).
Naar de ouders toe, vervult de huistaak een informatieve brugfunctie.  De huistaken informeren de ouders over de actuele leerstof en eventuele moeilijkheden van het kind.
Belangrijk hierbij is dat zowel kinderen als ouders rekening houden met de verwachtingen van de leerkrachten ten aanzien van:
-   de leerlingen:     - iedere dag oefenen met lezen (spec. 1ste lj.)
- de taak individueel maken
- afgeven op het afgesproken tijdstip
- verzorgd en ordelijk werken
-   de ouders:        - toezien en indien nodig begeleiden (niet voordoen)
- het werk niet voormaken
- motiveren door het tonen van interesse
- taken laten uitvoeren op een regelmatig tijdstip en in een geschikte ruimte
- leerkracht op de hoogte brengen bij moeilijkheden (zie schoolagenda).

Het schoolrapport
Drie- à viermaal per jaar krijgen de leerlingen een rapport.
Allerheiligen (voor Loksbergen + 1/2 Halenà
Kerstmis (december: voor Halen en 4/5/6 Loksbergen)
Januari (1/2/3/ Loksbergen)
Pasen (voor Halen en Loksbergen)
Grote vakantie (juni voor Halen en Loksbergen)

Data rapporten: worden meegedeeld via de activiteitenkalender.

Opvragingen van lessen worden verwerkt in de rapporten.  Zo zullen de leerlingen die regelmatig werken voor hun inspanningen beloond worden
Wij vragen aan de ouders zowel toetsen als rapporten te ondertekenen.

Het zittenblijven
Ondanks de goede inzet van het kind zelf en de vele inspanningen van de klasleerkracht, is het soms nodig dat het kind "een jaartje overdoet".  Sommige kinderen hebben het moeilijk (zeker in het 1ste leerjaar) om de leerinhouden - en vaardigheden - die in ons jaarklassensysteem op de modale leerling zijn afgesteld - te verwerven.  In samenspraak met de klasleerkracht, de zorgcoördinator, CLB, ouders en directie zal deze mogelijkheid worden bekeken.  Uiteindelijk beslissen de ouders zelf of hun kind al dan niet het jaar overdoet.

2.8     NOG EEN PAAR GOEDE AFSPRAKEN
Kledij en uiterlijk
- eenvoudige, deftige kledij
- verzorgde haren
- gymkledij: uniform (short + bloesje met embleem van de school)
- geen dure juwelen (verlies!)

Schoolmateriaal
- persoonlijk gerief tekenen
- respect voor milieu en materiaal
- geen overbodige spullen meebrengen
- in leer- en handboeken wordt niet geschreven
- alle documentatie van de school, leerboeken en boeken uit de klasbibliotheek worden tijdig weer ingeleverd.

Snoepverbod
Snoep, chips, kauwgom, frisdrank in blik of glas zijn verboden in de school, ook bij verjaardagen.  Als tussendoortje kan uw kind een stuk fruit, een boterham of een koek eten.

Vieren van verjaardagen
Verjaardagen mogen gevierd worden in de school.  Hier geldt de regel "Sober kan heel feestelijk zijn."
Elk kind is gevoelig voor wat extra aandacht: een kaartje, een kroon.  De jarige mag een kleine versnapering meebrengen (een stukje fruit of een koekje, geen snoepgoed, chips, ijs, speelgoed of schoolgerief).  Ouders wees a.u.b. verstandig, respecteer deze afspraken, zoniet zijn wij verplicht dit gebruik af te schaffen!

Zieke kinderen
Een kind dat tijdens de schooluren ziek wordt, meldt zich via de leerkracht bij het schoolhoofd.  De ouders zullen, indien mogelijk, telefonisch verwittigd worden.

Adresverandering
Adresveranderingen worden zo vlug mogelijk aan de klastitularis en aan de directie gemeld.

Hulpouders
Aan alle ouders die op één of andere manier in het klas- of schoolgebeuren komen helpen:
- Hartelijk dank voor die stille, onmisbare inzet!
- Om de samenwerking in de beste omstandigheden te laten plaatshebben, durven wij het volgende vragen:
* overleg met de leerkracht wat er moet gedaan worden
* informeer naar de leefregels en doe ze respecteren
* wees fijngevoelig, behandel elk kind zoals je graag hebt dat jouw kind behandeld wordt ... moedig aan, heb geduld
* spreek Algemeen Nederlands
* heb aandacht voor de veiligheid
* bewaar de geheimhouding over het gedrag of de vermogens van de kinderen.

Luizen
Een steeds terugkomend probleem zijn neten en luizen.  Indien je dit vaststelt bij je kind, gelieve dan onmiddellijk te behandelen en de school op de hoogte te brengen.  Wij willen u steeds helpen indien u dit wenst.

Medicatie
De klasleerkrachten zijn niet bevoegd om medicatie toe te dienen.  Zij zijn niet verantwoordelijk voor eventuele verkeerde reacties.  Wij vragen daarom om geen antibiotica of andere medicatie in de boekentassen te steken.

Logopedie
Een logopediste, aangesteld door de gemeente, doet een screening van de spraak- en taalontwikkeling in volgende klassen: 3de kleuterklas, 1ste en 3de leerjaar. 
Na het vaststellen van een diagnose, kiest u vrijblijvend een logopediste voor een verdere behandeling.

Kosteloosheid
Voor scholen van het gesubsidieerd basisonderwijs kan geen direct of indirect inschrijvingsgeld gevraagd worden.  Evenmin kunnen er bijdragen worden gevraagd voor materialen die gebruikt worden om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven.  De overheid bepaalt de lijst met materialen die kosteloos ter beschikking moeten worden gesteld om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven.

Volgende materialen worden vermeld in de ontwikkelingsdoelen en eindtermen voor het gewoon onderwijs.  Deze materialen zijn verplicht aanwezig
op school.  De school stelt de materialen in
voldoende mate ter beschikking.  Dit betekent niet
dat dit materiaal voor elke individuele leerling aanwezig moet zijn.

Spelmateriaal
Bewegingsmateriaal
Toestellen
Klimtoestellen
Rollend en/of glijdend materiaal
Boeken
Kinderliteratuur
Kinderromans
Zakrekenmachine
Passer
Globe
Atlas
Kompas
Kaarten
Informatiebronnen
Infobronnen
Tweetalige alfabetische woordenlijst
Muziekinstrumenten

Materialen uit de volgende categorieën worden verondersteld in voldoende mate aanwezig te zijn en staan in functie van het nastreven van de ontwikkelingsdoelen of het bereiken van de eindtermen voor gewoon en buitengewoon onderwijs.
Een school beslist op basis van haar pedagogisch project welke materialen zij wenst te gebruiken.

Schrijfgerief
Tekengerief
Knutselmateriaal
Constructiemateriaal
Planningsmateriaal
Leer- en ontwikkelingsmaterialen
Handboeken, schriften, werkboeken en –blaadjes, fotokopieën, software …
Informatie- en communicatietechnolo-
gisch (ICT) materiaal
Multimediamateriaal
Meetmateriaal
Andere

Bij verlies of beschadiging van materiaal kunnen de door de school gemaakte kosten voor aankoop van nieuw materiaal verrekend worden aan de ouders.

Het schoolbestuur kan wel een bijdrage vragen voor:
- activiteiten die niet noodzakelijk zijn voor het realiseren van de eindtermen; maar een meerwaarde bieden aan het onderwijs
- verplichte materialen die niet begrepen zijn in de lijst van de overheid, maar het onderwijs verlevendigen;
- diensten die de school aanbiedt zonder verplichting

In bijlage vindt u de lijst van bijdragen die na overleg binnen de schoolraad door het schoolbestuur gevraagd worden aan de ouders voor deelname aan activiteiten en voor gebruik van materialen die niet kosteloos kunnen aangeboden worden.

Minimum en maximum factuur.
Vanaf het schooljaar 2008-2009 mag de schoolrekening van uw kind niet over een maximumbedrag gaan.
Voor een kleuter is dit bedrag € 20,00 en voor een lager school kind € 60,00.
Hier zitten volgende activiteiten niet in daar deze vrijblijvend zijn:       abonnement
turnkledij
busgeld
drankjetons

DDEEL 3     RECHTEN EN PLICHTEN

3.1     OVER INSCHRIJVEN EN LEERPLICHT GESPROKEN

Alle leerlingen zijn bij ons welkom op voorwaarde dat zijzelf en hun ouders loyaal meewerken aan de realisatie van ons christelijk opvoedingsproject.

U weet dat u bij de inschrijving een officieel document dient voor te leggen, dat de identiteit van uw kind bevestigt en de verwantschap aantoont.  Dit kan o.a. aan de hand van het trouwboekje, een uittreksel uit de geboorteakte, de identiteitskaart van uw kind, een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister, of een reispas.

Uw kleuter mag echter pas ingeschreven worden en aanwezig zijn vanaf de leeftijd van 2 jaar en 6 maanden.  Als uw kind jonger is dan 3 jaar, wordt het slechts in de school toegelaten vanaf de wettelijke voorziene instapdatum na inschrijving, dus de eerste schooldag na elke vakantieperiode.  Als uw kind 3 jaar of ouder is dan kan het reeds vanaf de dag van inschrijving naar de school komen.

In ieder geval ondertekent u een schriftelijke verklaring waarin u bevestigt dat uw kind niet in een andere school is ingeschreven.

Kleuters zijn niet leerplichtig.  Maar in het belang van uw kleuter vragen we wel uw zoontje of dochtertje zo regelmatig mogelijk naar school te brengen.

In september van het jaar waarin uw kind 6 jaar wordt, is het wel leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen.  Ook wanneer het nog op die leeftijd in het kleuteronderwijs zit, is het toch als elk ander leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatig schoolbezoek.

We vermelden hier ook dat u slechts kan vragen uw kind een jaartje langer in de kleuterschool te houden of vervroegd naar het lager onderwijs te laten overstappen mits u advies heeft ingewonnen van de klassenraad en het CLB-centrum.  Indien u overweegt uw kind nog een zevende of achtste jaar in het lager onderwijs te houden is in elk geval een gunstig advies van de klassenraad en advies van het CLB-centrum noodzakelijk.

Om toegelaten te worden tot het lager onderwijs moet de leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden. Deze afwijking blijft beperkt tot één jaar.

Vanaf 1 september 2009 geldt voor inschrijvingen vanaf het schooljaar 2010-2011 onderstaande regeling:
Om toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling zes jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Als hij nog niet de leeftijd van zeven jaar heeft bereikt of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet hij bovendien aan een van de volgende voorwaarden voldoen:

1° het voorgaande schooljaar ingeschreven zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode gedurende ten minste 220 halve dagen aanwezig zijn geweest;

2° voldoen aan een proef die de kennis van het Nederlands, nodig om het lager onderwijs aan te vatten, peilt. De Vlaamse Regering legt de inhoud van die taalproef vast. Het CLB waarmee de school waar de betrokken leerling zich aanbiedt een beleidscontract heeft, is bevoegd die taalproef af te nemen;

3° beschikken over een bewijs dat hij het voorafgaande schooljaar onderwijs heeft genoten in een Nederlandstalige onderwijsinstelling uit een lidstaat van de Nederlandse Taalunie.

Met uitzondering van de leeftijdsvereiste is deze regeling niet van toepassing op leerlingen die worden ingeschreven in Franstalige scholen in de rand- en taalgrensgemeenten die deel uitmaken van het Nederlandse taalgebied.

Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar kan in het lager onderwijs ingeschreven worden, op voorwaarde dat hij tijdens het voorafgaande schooljaar

was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode ten minste 185 halve dagen aanwezig was geweest.

Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar en die tijdens het voorafgaande schooljaar niet was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs, kan in het lager onderwijs worden ingeschreven op basis van een taalproef .

Weigeren van leerlingen
1.  Het schoolbestuur weigert de inschrijving van de betrokken leerling die het vorige of het daaraan       voorafgaande schooljaar definitief werd uitgesloten in de school.

  1. Kinderen kunnen specifieke noden hebben.  Van ouders wordt verwacht dat zij dit meedelen aan

     de school.  De school zal onderzoeken of haar draagkracht voldoende groot is om het kind de          nodige ondersteuning te geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging.  Indien de    ouders, bij inschrijving, nalaten om mee te delen dat hun kind een attest buitengewoon onderwijs     heeft en er de eerste weken na de inschrijving een vermoeden is van specifieke noden, zal de      school haar draagkracht alsnog onderzoeken.

 Bij het onderzoek naar de draagkracht houdt de school, in overleg met de ouders en het CLB,
rekening met:
- De verwachtingen van de ouders ten aanzien van het kind en ten aanzien van de school;
- De concrete ondersteuningsnoden van de leerling op het vlak van leergebieden, sociaal functioneren, communicatie en mobiliteit;
- Een inschatting van het regulier aanwezig draagvlak van de school inzake zorg;
- De beschikbare ondersteunende maatregelen binnen én buiten het onderwijs
- Het intensief betrekken van de ouders bij de verschillende fasen van het overleg- en beslissingsproces.
Wanneer de ontbindende voorwaarden niet vervuld zijn om het kind de nodige specifieke ondersteuning te geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging zal de school het kind weigeren.
De beslissing tot weigering wordt binnen 4 kalenderdagen bij aangetekend schrijven of tegen afgiftebewijs aan de ouders van de leerling bezorgd.

3.2     AFSPRAKEN INZAKE AANWEZIGHEID, TELAATKOMEN EN AFWEZIGHEID

Aanwezigheid
In deel 2 werd u geïnformeerd over het dag- en weekrooster in onze school.

We stippen ook graag even aan dat het de directie is die beslist in welke leerlingengroep van een bepaald leerjaar een leerling wordt opgenomen.  In ieder geval is uw leerplichtig kind verplicht om alle lessen en activiteiten van deze leerlingengroep te volgen.  Enkel om gezondheidsredenen kunnen er, in samenspraak met de directeur, eventueel aanpassingen gebeuren.

Telaatkomen

Het is aangenaam om met heel de klasgroep samen aan een nieuwe dag te beginnen.
Telaatkomers missen het onthaalmoment en storen bovendien de klas. Tijdig aanwezig zijn is veelal een kwestie van goede gewoontevorming en getuigt van respect voor de anderen.

Daarom: zorg er voor dat uw kind tijdig vertrekt en tijdig op school aankomt.
Leerlingen die toch om een of andere reden te laat zijn gaan rechtstreeks en zo vlug mogelijk naar hun klas.

Indien we een regelmatige afwezigheid vaststellen, wordt u gecontacteerd door de zorgleerkracht en uitgenodigd op school om dit probleem op te lossen.

Ook het einde van de klasdag is niet zonder betekenis: dan evalueren de leidster en de kleuters de vormingsaanwinst van de afgelopen schooldag.
Vandaar dat wij erop rekenen dat de ouders hun kleuters vóór 08.50 u. en 13.00 u. (Halen), vóór 08.40 u. en 12.50 u. (Loksbergen) in de school afleveren, en ze niet vóór het belsignaal afhalen.

Bij het brengen: blijf niet te lang bij uw kleuter. Hoe langer het afscheid, hoe moeilijker het wordt voor uw kleuter (en uzelf?).

Afwezigheid
De Belgische leerplichtwet bepaalt dat uw kind leerplichtig is vanaf 1 september van het kalenderjaar waarin het zes wordt.
Daarnaast zijn ook kleuters die op vijf jaar reeds naar het lager onderwijs overstappen, eveneens leerplichtig.
Als ouder bent u verantwoordelijk voor het feit dat uw kind aan de leerplicht voldoet.

Voor het voldoen aan deze leerplicht hebt u gekozen voor inschrijving in een school.  Een inschrijving alleen is evenwel niet voldoende:  uw kind moet élke schooldag van het schooljaar daadwerkelijk op school aanwezig zijn, behalve bij gewettigde afwezigheden.
Hierna vindt u in welke situaties leerplichtige kinderen gewettigd afwezig kunnen zijn en wat uw verplichtingen terzake zijn.

Uw kind kan enkel gewettigd afwezig zijn in de volgende situaties:
1. Ziekte

Is uw kind meer dan drie opeenvolgende kalenderdagen ziek, dan is steeds een medisch attest vereist.  Dit attest kan afkomstig zijn van een geneesheer, een geneesheer-specialist, een psychiater, een tandarts, een orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend labo.
Als het enkel gaat om een consultatie (zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), dan moet die zo veel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden.

Wanneer een bepaald chronisch ziektebeeld leidt tot verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie noodzakelijk is (bijv. astma, migraine, …) kan na samenspraak tussen school en CLB één medisch attest die het ziektebeeld bevestigt volstaan.  Wanneer een afwezigheid om deze reden zich dan effectief voordoet, volstaat een attest van de ouders.

Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig als:
- het attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit de patiënt”;
- het attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst;
- het attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden, …

Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een briefje van de ouders.  Dergelijk briefje kan slechts vier keer per schooljaar door de ouders zelf geschreven worden.  Vanaf de vijfde keer is steeds een medisch attest vereist.

U verwittigt de school zo vlug mogelijk (bv. telefonisch) en bezorgt ook het attest zo vlug mogelijk.

2.  Van rechtswege gewettigde afwezigheden.

  1. het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van iemand die onder hetzelfde dak woont als uw kind, of van een bloed- of aanverwant van uw kind;
  2. het bijwonen van een familieraad;
  3. de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank (bijvoorbeeld wanneer uw kind gehoord wordt in het kader van een echtscheiding of moet verschijnen voor de jeugdrechtbank);
  4. het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg en de jeugdbescherming (bijvoorbeeld opname in een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum);
  5. onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht (staking van het openbaar vervoer, overstroming, …)
  6. feestdagen verbonden aan de levensbeschouwing van uw kind.  Enkel de door de grondwet erkende godsdiensten komen hiervoor in aanmerking (de anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke, orthodoxe en protestantse godsdienst).  De anglicaanse, katholieke en protestantse feestdagen vallen in de vakantieperiodes.  Voor de islam gaat het om: het Suikerfeest (1 dag) en het Offerfeest (1 dag); voor de joodse godsdienst om het Joods nieuwjaar (2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het Loofhuttenfeest (4 dagen), het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine Verzoendag (1 dag), het feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen) en het Wekenfeest (2 dagen); voor de orthodoxe godsdienst betreft het Paasmaandag, Hemelvaart en Pinksteren voor de jaren waarin het orthodoxe Pasen niet samenvalt met het katholieke Paasfeest.

Voor elke afwezigheid bezorgt u aan de school zo vlug mogelijk een officieel document of een door u geschreven verantwoording.

3.  Afwezigheden mits toestemming van de directeur.
Deze categorie afwezigheden verleent de school autonomie omin te spelen op specifieke situaties die niet altijd door de regelgeving op te vangen zijn.  Indien de directeur akkoord is en mits voorlegging van, naargelang het geval, een officieel document of een verklaring van de ouders, kan de leerling gewettigd afwezig zijn om één van de onderstaande redenen:

  1. voor het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont als uw kind of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad van uw kind.  Het betreft hier niet de dag van de begrafenis, maar wel bijvoorbeeld een periode nodig om uw kind een emotioneel evenwicht te laten terugvinden (een rouwperiode) of om uw kind toe te laten een begrafenis in het buitenland bij te wonen;
  2. actieve deelname aan culturele of sportieve manifestaties, indien uw kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is.  Het bijwonen van trainingen komt niet in aanmerking, wel bijv. de deelname aan een kampioenschap/competitie.  Uw kind kan maximaal 10 halve schooldagen per schooljaar hiervoor afwezig zijn (hetzij achtereenvolgend, hetzij gespreid over het schooljaar):
  3. de deelname aan time-out-projecten (coce O).  Deze afwezigheden komen in het basisonderwijs zelden voor, maar in die situaties waarin voor een leerling een time-outproject aangewezen is, is het in het belang van de leerling aangewezen om dit als een gewettigde afwezigheid te beschouwen.  Voor sommige leerlingen is er geen andere oplossing dan hen tijdelijk te laten begeleiden door een externe gespecialiseerde instantie;
  4. in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen.  Voor deze afwezigheden moet de directeur op voorhand zijn akkoord verleend hebben.  Het kan gaan om maximaal 4 halve schooldagen per schooljaar (al dan niet gespreid);
  5. afwezigheden wegens topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek.  Dit kan slechts toegestaan worden voor maximaal 6 lestijden per week, mits het vooraf indienen van een dossier met de volgende elementen:
  6. een gemotiveerde aanvraag van de ouders;
  7. een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie;
  8. een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;
  9. een akkoord van de directie.

Ook hier moet u steeds zo vlug mogelijk een schriftelijke verantwoording van de afwezigheid aan de school bezorgen.

Opgelet:
Deze vijf categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen recht dat u kan opeisen.  Enkel de directeur kan autonoom beslissen om deze afwezigheden toe te staan.  De directeur mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren.  De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.

4.  Afwezigheden van trekkende bevolking, in zeer uitzonderlijke omstandigheden.
Deze categorie is enkel van toepassing op kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en –artiesten en woonwagenbewoners.
Behoort u tot deze categorie, dan verbindt u zich door de inschrijving van uw kind in een school er, net als de andere ouders, toe dat uw kind elke schooldag op school aanwezig is (behoudens de gewettigde afwezigheden).
Niettemin kunnen er zich in echt uitzonderlijke omstandigheden situaties voordoen waarbij het omzeggens onvermijdelijk is dat uw kind tijdelijk met u meereist.  U moet deze situatie op voorhand goed met de school bespreken.  U moet met de school duidelijke afspraken maken over hoe uw kind in die periode met behulp van de school verder onderwijstaken zal vervullen en hoe u met de school in contact zal blijven.  Deze afspraken moeten in een overeenkomst tussen uzelf en de school neergeschreven worden.  Enkel als u uw engagementen terzake naleeft, is uw kind gewettigd afwezig.

Behoort u tot de trekkkende bevolking, maar verblijft u ter plaatse (bijv. op een woonwagenpark), dan moeten uw kinderen uiteraard elke dag op school aanwezig zijn.

5.  Problematische afwezigheden
Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden.  Leerlingen die ongewettigd afwezig zijn (d.w.z. problematische afwezigheden die niet omgezet worden in gewettigde afwezigheden) verliezen hun statuut van regelmatige leerling overeenkomstig van het decreet basisonderwijs.  Dit houdt in dat de betrokken leerling in het zesde leerjaar geen getuigschrift basisonderwijs kan krijgen en dat de school de betrokken leerling niet kan meetellen voor de personeelsformatie en de toelagen.

De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid en deze afwezigheid melden aan het CLB.  School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.

Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch afwezig is stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs.

xxx

Aangezien de organisatie van het schooljaar door de overheid wettelijk bepaald is en de schooldirectie daarop geen afwijking kan toestaan, is het onder geen enkele omstandigheid toegelaten om vroeger dan de vastgestelde vakanties uw kind van school weg te houden of het later te laten terugkeren.
Ouders die dit toch doen overtreden de leerplichtwet en kunnen hiervoor gesanctioneerd worden.

3.3     LANGDURIG AFWEZIG: KANS OP ONDERWIJS AAN HUIS

Leerlingen vanaf 5 jaar (d.w.z. leerlingen die vijf jaar of ouder geworden zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar) hebben recht op tijdelijk onderwijs aan huis (kleuter- of lager onderwijs; 4 lestijden per week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
- de leerling is meer dan 21 kalenderdagen ononderbroken afwezig wegens ziekte of ongeval (vakantieperiodes meegerekend);
- voor chronisch zieke kinderen vervalt de wachttijd van 21 kalenderdagen.  Deze kinderen hebben recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis na 9 halve schooldagen afwezigheid (moeten niet in een ononderbroken periode doorlopen).  Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis;
- de ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de thuisschool;
- de aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet of minder dan halftijds kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen.  Voor chronisch zieke leerlingen moet bij de eerste aanvraag tijdens het betrokken schooljaar een medisch attest worden gevoegd, uitgereikt door een geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen.  Bij een nieuwe afwezigheid ten gevolge van deze chronische ziekte tijdens hetzelfde schooljaar is geen nieuw medisch attest vereist.  Er dient wel een nieuwe aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis ingediend te worden;
- de afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats van betrokken leerling bedraagt ten hoogste 10 km.

3.4     RUIME CONTACTMOGELIJKHEDEN TUSSEN OUDERS EN SCHOOL

Indien er vragen of problemen zijn mag u natuurlijk contact opnemen met de directie.
Het is ook nodig de agenda van uw zoontje of dochtertje geregeld na te kijken en te ondertekenen.  Op deze wijze krijgt u nuttige informatie doorgespeeld en weten wij dat deze informatie door u werd gelezen.  We bevelen aan de huistaken en de verbeteringen op te volgen: zo volgt u eveneens de ontwikkeling van uw kind.  Vanzelfsprekend is ook het rapport een belangrijk communicatiemiddel tussen u en de school.

Elk schooljaar voorzien we ook oudercontactavonden.  Deze avonden geven u de gelegenheid persoonlijk te spreken met de mensen die in onze school betrokken zijn in opvoeding en onderwijs van uw kind of worden ingericht om ouders op één of ander domein bijkomende informatie te geven.  Via de schoolkalender zal u tijdig verwittigd worden van deze oudercontactavonden.

Indien u een persoonlijk niet-georganiseerd contact wenst met de directeur of één  van de leerkrach­ten of begeleiders kan dat, na overleg met de directeur, tijdens de schooluren of op afspraak.

3.5     DE WET OP DE PRIVACY

Om haar werk goed te doen moet een school van uw kind een aantal gegevens hebben en bijhouden.  Het is allicht geruststellend dat de Wet Verwerking Persoonsgegevens (8.12.92) van toepassing is op de persoonsgegevens die de school opvraagt voor haar leerlingenadministratie en leerlingenbegelei­ding.

U hebt het recht deze persoonsgegevens, voor zover ze betrekking hebben op uw kind of uzelf, ter inzage op te vragen en zo nodig te laten verbeteren binnen de door de wet vastgestelde termijn.
De aangifte van de verwerking van de gegevens van leerlingenbegeleiding werd ingediend voor registratie bij de Commissie voor Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer.  De verwerking van gegevens van leerlingenadministratie is vrijgesteld van aangifte.  U kunt dit register raadplegen bij de genoemde Commissie, Regentschapsstraat 61, 1000 Brussel.

3.6     OP HET EINDE VAN HET BASISONDERWIJS: HET GETUIGSCHRIFT

Het schoolbestuur kan op voordracht en na beslissing van de klassenraad een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan de regelmatige leerling uit het gewoon lager onderwijs.

De klassenraad oordeelt autonoom of uw kind, als regelmatige leerling, in voldoende mate de doelen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen.
De beslissing van de klassenraad is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van uw kind.  Het is uitzonderlijk dat dergelijke beslissing door de ouders wordt aangevochten.  In voorkomend geval wendt u zich binnen de zeven kalenderdagen tot de directeur die de klassenraad binnen drie werkdagen opnieuw bijeenroept.  De betwiste beslissing wordt dan opnieuw overwogen.  U wordt in ieder geval schriftelijk verwittigd van het resultaat van deze bijeenkomst.  Als de betwisting blijft bestaan kunt u aangetekend beroep instellen bij de voorzitter van het schoolbestuur.

Een kind dat bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een verklaring afgeleverd door de directeur met vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs.

3.7     INDIEN U SCHOOLVERANDERING OVERWEEGT

In de loop van het schooljaar kunt u uw kind slechts rechtsgeldig inschrijven in een andere school na voorafgaandelijk contact met de directie.  De directeur zal u dan de procedure voorleggen zoals die beschreven wordt in het recente decreet basisonderwijs.
Aanvraagformulier te verkrijgen bij de directie.

3.8     IN GEVAL VAN NOOD: HET ORDE- EN TUCHTREGLEMENT

We hopen dat we het orde- en tuchtreglement - als middel om de goede gang van zaken in onze opvoedingsgemeenschap te vrijwaren - uiterst weinig of nooit zullen moeten gebruiken.

Wanneer uw kind toch de goede werking van de school zou hinderen of het lesverloop zou storen, kan er een ordemaatregel worden genomen (en/of kunnen er meer bindende gedragsregels worden vastgelegd in een geschreven begeleidingsplan).

Mogelijke ordemaatregelen zijn:        
- een verwittiging
- een strafwerk
- een tijdelijke verwijdering uit de les gevolgd door aanmelding bij de directie

Deze ordemaatregelen kunnen genomen worden door elk personeelslid van de school in samen­spraak met de directie.

Wanneer het gedrag van uw kind werkelijk een probleem zou betekenen voor het verstrekken van het onderwijs en/of het opvoedingsproject van de school in het gedrag zou brengen, kan er een tuchtmaatregel genomen worden.

Mogelijke tuchtmaatregelen zijn:
- een schorsing: dit houdt in dat de gesanctioneerde leerling gedurende een bepaalde periode de lessen en de activiteiten van zijn leerlingengroep niet mag volgen, maar wel op school moet zijn;
- een uitsluiting: dit houdt in dat de gesanctioneerde leerling definitief uit de school verwijderd wordt op het moment dat deze leerling in een andere school is ingeschreven en uiterlijk één maand, vakantieperiode niet inbegrepen, na de schriftelijke kennisgeving van de beslissing van de uitsluiting.  In afwachting daarvan bevindt betrokken leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste leerling.

Bij het nemen van een beslissing tot schorsing van meer dan één dag of een beslissing tot uitsluiting wordt de volgende procedure gevolgd:
1   de directeur wint het advies in van de klassenraad,
2   de leerling wordt, in aanwezigheid van de ouders eventueel bijgestaan door een raadsman voorafgaandelijk gehoord over de vastgestelde feiten, zij worden hiertoe vijf werkdagen vooraf per brief verwittigd,
3   de ouders hebben inzage in het tuchtdossier van de leerling,
4   de genomen beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk ter kennis gebracht aan de ouders van de betrokken leerling.

Tegen tuchtmaatregelen is er geen beroep mogelijk, behalve tegen de uitsluiting.
Uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van de beslissing tot uitsluiting, kunnen de ouders schriftelijk beroep indienen bij de voorzitter van de beroepscommissie (adres vermeld in deel 1 bij 'Wie is wie').
Het beroep schort de uitvoering van de eerder genomen tuchtbeslissing niet op.
De leerling wordt samen met zijn ouders per brief opgeroepen om te verschijnen voor deze beroepscommissie.  Uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van het beroep komt deze beroepscommis­sie dan samen.

De beroepscommissie brengt de ouders binnen de vijf werkdagen per aangetekende brief op de hoogte van haar gemotiveerde beslissing.  Deze beslissing is bindend voor alle partijen. 
Een personeelslid van de school kan niet optreden als vertrouwenspersoon.
Buitenstaanders mogen het tuchtdossier niet inzien, behalve mits schriftelijke toestemming van de ouders.

U begrijpt dat wij met u hopen dat we deze strenge regels nooit zullen moeten toepassen.  Laat ons in ieder geval er samen alles aan doen om dit te vermijden.

Door de kennisname in bijlage te handtekenen verklaart u zich als ouders mede namens uw zoon of dochter in ieder geval akkoord met ons opvoedingsproject, de voorgelegde afspraken en uw rechten en plichten.